Laatst was ik heerlijk langs de kust aan het snorkelen tussen de tijgerhaaien. Een trio zeeslangen nam ik even mee naar de kant voor wetenschappelijk onderzoek.

Ik ben op een onbewoond eilandje in Nieuw-Caledonië. Om me heen witte stranden en een lichtblauwe zee.
Het water lijkt onschuldig, maar zit vol met giftige zeeslangen en nieuwsgierige tijgerhaaien. Ik voel me helemaal thuis! Zeeslangen eten vissen en hun gif is sterk neurotoxisch. Het zorgt ervoor dat vissen verlamd raken en niet meer kunnen wegzwemmen. Terwijl ik over het koraal snorkel, kijk ik goed links en rechts of er geen tijgerhaaien in de buurt zijn. Dan zie ik op een meter of acht diep een trio zeeslangen zwemmen!

Ik neem een hap adem en duik erheen. Het is ontzettend mooi om te zien hoe sierlijk ze zich door het water bewegen. En dan te bedenken dat zeeslangen afstammen van landslangen, die ooit, miljoenen jaren geleden, de zee ingingen en zich daar wel thuis voelden. Ze hebben speciale zoutklieren onder hun tong die al het overtollige zout uitscheiden en een afgeplatte staart als buitenboordmotor. Ik pak de drie slangen voorzichtig beet en neem ze mee naar het wateroppervlak en terug naar de kant. Daar plaats ik voorzichtig een buisje over hun giftandjes en het gif vloeit er rijkelijk in. Dat gaat mee naar Leiden voor onderzoek!

Nog één foto en ik laat ze weer vrij in de zee, waar ze thuishoren.